Nederlands Dagblad

10 Dec
Waardeer dit verhaal
(0 votes)

Zonder hart zouden we slechts machines zijn

Vloeken en tieren, ruziemaken en moorden: Koen van Wichelen geeft zijn personages in zijn debuut geen plezant leven. Maar onder at die rauwheid valt deze verhalenbundel te lezen als een Pleidooi voor een warmere samenleving. Ergens doen de verhalen van Van Wichelen denken aan het werk van Dimitri Verhulst. De toon is rauw en grof, maar daaronder zit een verlangen naar geborgenheid en warmte, op het moralistische a f. Er figureert bijvoorbeeld een 'beursgenoteerde vader' - zo genoemd door zijn zoon- die in de krant een toepasselijke horoscoop leest over het opzij zetten van je ego, eindigend met: 'en vergeet uw geliefden niet.' Laat hij nu juist vrouw en kind aan het verwaarlozen zijn. Een dramatische gebeurtenis zorgt voor een wending. Cliché? ja, maar wei een goed opgeschreven cliché uitlopend in een perfecte slotpassage met een vork in de hoofdrol.

Vonkjes mededogen
Door alle verhalen heen klinkt tussen de regels door de roep om betrokkenheid, om mededogen, wat een schaars geworden goed is. Druk als de mens is met zichzelf, met moderne media en vooral niet met goed om zich heen kijken. De militair met een trauma door seksueel misbruik wordt pas op het laatste nippertje gezien, en wie prikt er door de façade van de man die zijn over! eden vader mist? Toch gebeurt het, er springen wei degelijk vonkjes mededogen rond in deze verhalen. Verder speelt de willekeur een hoofdrol. Van Wichelen schrijft een verhaal over een man die iets te vee I in een vrouw ziet terwijl hij getrouwd is en een schat van een stiefdochter heeft. je weet natuurlijk precies waar dat heen gaat. Tot een bijfiguur de dramatische wending ondergaat die je voor het hoofdpersonage in gedachten had. Volgens de verteller geen verdienste van de man die de vrouw zag: 'De dingen hadden ook helemaal anders kunnen I open.' Een ingetogen verhaal over twee broers en een zus aan het sterfbed van hun moeder blijft hangen door zijn fijngevoeligheid. Een van de zonen, getypeerd als de regelneef, krijgt het woord. Zijn dochtertje vraagt hem waarom hij niet huilt. 'Mijn verdriet zit in dit boekje [ ... ]
Ik schrijf het op zodat ik het niet vergeet.'

ELIZABETH KOOMAN

Naar boven